Fijnscheenwerk
Er bestaat een zeer fijne vlechttechniek; het fijnscheenwerk.
Het materiaal voor fijnscheenwerk wordt verkregen door lange witte wilgentenen van ca 2.50m in drieën of vieren te kloven met een speciaal kloofhoutje. De lange strips wilg worden dan met de hand millimeter precies op een speciale schaafbank precies op dikte en breedte geschaafd. Hierna worden de bastresten weg gepoetst.
Elk fijnscheenwerk object wordt om een eigen houtenmal gevlochten, zoals schoenen om een leest. Het maken van een fijnscheenwerk object is zeer tijdrovend, aan een schaal werk je zomaar 40 uur of meer. Het resultaat is een fragiel ogend vlechtwerk wat bij beroering toch verrassend stevig is. Fijnscheenwerk vraagt veel geduld en precisie. Het hele maak proces is volledig doorgedacht. Hoewel de gebruikte technieken vrijwel het zelfde zijn als bij het “normale” mandwerkvertoont het uiterlijk van een Fijnscheenwerk object veel gelijkenis met textiele objecten.
Deze bijzondere techniek is bijna uit gestorven omdat vrijwel niemand ze meer beoefend. Tijdens mijn opleiding in Duitsland heb ik mij drie jaar op deze techniek gestort om ze volledig onder de knie te krijgen. Ik maak replica’s van bestaand werk, repareer oude stukken en zoek naar nieuwe toepassingen en vormen vaak in combinatie met andere materialen.



